SUrct Jf&jfr/M Qi&d&m jrnry.Ymmc De geschiedenis van de locomotief Schoorl Andere vervoersmiddelen en wegen De foto van de locomotief 'Schoorl' is afkomstig uit de collectie van de heer G.W. de Graaf bekleden van de spoorbaan en het beplanten van de taluds waarop de lijn werd aangelegd hard nodig omdat de lijn die in 1890 al gereed was in het voor jaar van 1891, toen de schiet proeven begonnen, door ver stuiving al deels verzakt was. Tot de sloop van de spoorbaan bleek er steeds behoorlijk onderhoud aan de baan verricht te moeten worden. Ook voor die tijd lagen er al spoorlijnen in de duinen. Dit waren dan zogenaamde 'helmsporen' en ze werden gebruikt voor het duinonder- houd. Vanaf de nieuw aangeleg de lijn werden aftakkingen gemaakt van de plek waar het geschut opgeteld stond, naar de schuilplaats van de militairen, naar het buskruitmagazijn en naar de observatiepost van waaruit goed zicht op de schiet proeven was. De totale lengte van het traject bedroeg 8 km. De militairen zaten op in de lengte geplaatste banken die op enkele lorries gemonteerd ston den en die voortgetrokken wer den door de locomotief "Schoorl". De machinist, die de Man heette, werd apart bij name in de militaire verslagen genoemd. En dat mag ook wel want hij was, naast de op het militaire terrein aanwezige was vrouw, de enige burger. De stoomlocomotief Schoorl is door locomotievenfabriek Decauville (gelegen in de buurt van Parijs) gebouwd. De ketel werd door de fabriek van Couillet (in België) geleverd. Deze firma gaf hem het fabrieksnummer 1040/1891. De "Schoorl" werd 26 juli 1891 gele verd aan de opdrachtgever, het ministerie van Oorlog, met het doel in Schoorl ingezet te wor den. De locomotief stond voor het Stoomwezen geregistreerd onder nummer NH (van Noord- Holland) 996. Na afloop van de klus in Schoorl werd de locomo tief in Utrecht in opslag geno men. Tussen 1893 en 1896 kwam hij ter beschikking van het korps der genie. Op de bij dit artikel geplaatste foto van 1905 is hij in gebruik bij kamp Zeist. Hij reed daar toen, volgens de opdruk van de ansichtkaart, van Huis ter Heide (bij Soesterberg) naar het militaire kamp Zeist. In 1913 leek het afgelopen te zijn met de locomotief. Alleen de ketel werd nog gebruikt. Dit voor verwarmingsdoeleinden. Het jaar daarop, de eerste wereldoorlog was net uitgebro ken, mocht hij weer meedoen. In het jaar dat die oorlog eindig de viel definitief het doek voor Legerplaats bij Zeist. Expres Huis ter Heide, via Bloembeuvel naar Hoogte 50. deze locomotief. Hij werd gesloopt. Om het verhaal compleet te maken nu nog wat gegevens over het vervoer vanuit het noorden. Van hieruit werden de bouwmaterialen aangevoerd naar de plaats waar de schiet- doelen gebouwd moesten wor den. Reeds in 1888 werden voor bereidende besprekingen gevoerd tussen enerzijds de ver tegenwoordigers van "Het tech nisch comité voor Artillerie- en Geniezaken" zijnde de majoor Scherer en kapitein-ingenieur Badon Ghijben als secretaris en anderzijds namens het Hoogheemraadschap door dijk graaf Dirk van Leeuwen. Uit de notulen die toen gemaakt wer den krijgen we een goed inzicht in het volume van de hoeveel heid aan te voeren materiaal. Om U een indruk te geven: 3000 m3 rivierzand, grind en stukken steen om in het betonmengsel te stoppen. Verder nog 250 m3 kalk en tras, 100.000 waalstenen, 500 scheepston basalt en stort- steen en 5000 vaten van 180 kg elk gevuld met Portlandcement. Het volume ten behoeve van de verlading werd op grond hier van op 4000 a 5000 m3 begroot. Daarbij kwamen dan nog de spoorstaven, ijzeren platen en blokken met een geschat gewicht van 100 ton. Het is dus duidelijk dat hoge eisen aan de vervoersmiddelen gesteld wer den! De portland, bestanddeel van de betonnen bouwwerken, werd per rijnaak uit Duitsland via het Noord-Hollands kanaal aange voerd. Vervolgens ging deze via de Hondsbossche Vaart naar de loswal aan de Leihoek (in de Zijpe). Na veel schrijfwerk en heen en weer gepraat werd uiteindelijk op 2 december 1889 tussen het Ministerie van Oorlog en het Hoogheemraadschap een Cultuur-historische Vereniging Scoronlo maart 2005

Tijdschriften Regionaal Archief Alkmaar

Tijdschrift van cultuurhistorische vereniging Scoronlo | 2005 | | pagina 20