naar genoegen een plekje te creëren. De werkplaats waar hij bijkans 50 jaar het eerzame vak had uitgeoefend werd nu een bescheiden kantoortje. De ram melende naaimachine en zoe vende uitpoetsmachine maak ten plaats voor polissen en papieren van allerlei slag. Achter was de stal van de geit. Die werd omgebouwd tot gara ge en waar de sik vele jaren onderdak had genoten stond nu een bejaarde auto. Naast zijn huis was een smal akkertje. In de zomer liep daar zijn geit te mekkeren. Broer Klaas en zus Alie kochten dat perceeltje en lieten er een huis op bouwen. Het huis aan de Onderweg ver kochten zij aan de heer Koning. Wij verkochtende Haardstede' aan de heer van Meer. De boer derij was matig onderhouden maar van Meer heeft er iets moois van gemaakt. Toen Klaas en Alie ook verhuisd waren, was de uittocht van de Onderwegsche vrouwtjes com pleet. Er woonde niemand meer op de oude stek. Wel werd met algemene stemmen besloten dat het'kransje' onverminderd door zou gaan. Dat gebeurde dan ook, zij het, dat er vanaf toen fietsen en auto's aan te pas kwamen. Jaren kwamen en gin gen en omdat er nu eenmaal niets bestendig is op de aardbo dem werd de club kleiner en kleiner. Steevast werd echter iedere verjaardag gevierd. Tenslotte bleven alleen buur vrouw de Klerk en Bertha over. De laatste tijd verbleef onze oude buurvrouw in Lauwershof en in zo'n geval is het met de gezondheid niet zo best. December 2004 viel voor 'Naatje' het doek. Bertha (zij was de jongste) is nu nog alleen over en inmiddels 90 jaar. Met iets van weemoed denkt ze nog wel eens terug aan de leuke traditie die 60 jaar heeft geduurd. Piet Bijl

Tijdschriften Regionaal Archief Alkmaar

Tijdschrift van cultuurhistorische vereniging Scoronlo | 2005 | | pagina 18