JOS MOOIJ IN GESPREK MET PATER JAN MOLENAAR. Wie is Jan Molenaar, voor velen in Heerhugowaard Noord een bekend gezicht en een bekende naam. Hij is namelijk een Noordender van geboorte. In 2020 is pater Jan Molenaar na diverse omzwervingen weer met beide voeten geland op de Waardse klei. Hoe die omzwervingen zijn verlopen, kunt u in dit interview lezen. In Heerhugowaard De Noord staat pater Jan Molenaar gewoon bekend als Jan en zo ken ik hem ook, dus in deze vorm is dit interview dan ook gehouden. Jos Mooij In 2020 vierde Jan, op bescheiden wijze vanwege de uitbraak van Covid 19, zijn 60 jarig priesterschap in de heilig Hart van Jezus kerk in De Noord. In dit dorp is hij in 1936 op Middenweg 511 geboren. Als onderdeel van zijn priesteropleiding startte hij in 1948 zijn middelbare schoolopleiding in Hoorn (4 jaar) en de laatste twee jaar van de opleiding voltooide hij in Haelen, vlakbij Roer mond. In 1954 volgde twee jaar filosofie in Roosendaal en daarna 4 jaar theologie in Londen, in de wijk Mill Hill. Zo komt deze missionarissenorde aan haar naam: de pa ters van Mill Hill. De heilige Jozef is hun schutspatroon. De roeping van Jan, hoe ontstond zijn roeping? Jan voelde zich als kind wel thuis in de kerk, behalve als Hugo Boys op het voetbalveld vlak achter de kerk aan het voetballen was. Zijn motivatie om missionaris te worden was aanvankelijk het grote avontuur. Op school werden boekjes gelezen met spannende missieverhalen en dat trok hem wel. Later, tijdens zijn studie, ontstaat het gevoel dat hij geroepen werd om mensen te helpen die in een moeilijke situatie leven. In juli 1960 werd Jan in Londen tot priester gewijd. Toen ik (Jos) vertelde dat ik zo rond 1960, als 9 jarige, fanatiek zilverpapier verzamelde voor de arme negertjes in Afrika en dat ze daar kralen en spiegeltjes konden gebruiken, gaf hij aan dat dit een totaal verkeerd beeld gaf. Misschien gingen ze dat zilverpapier in Nederland recyclen of zo en ging dat geld naar Afrika, maar anders had hij geen verklaring voor ‘deze flauwekul’..., die veel te lang een verkeerd beeld heeft gegeven van ‘de Afrikaan’. Maar zo leerden de kinderen en volwassenen wel betrokkenheid bij het missiewerk, waarvan hij later als missionaris - met veel dank - jarenlang profijt heeft gehad. Kongo, de eerste missie. Wat hield dat in? Na zijn priesterwijding werd Jan door de Algemene Overste van Mill Hill benoemd naar Kongo. Op de dag van je wijding kreeg je dan te horen waar je naar toe zult gaan, dus veel voorbereidingen waren er niet. Wel kwam je altijd bij een Mill Hiller, die daar al langer verbleef, en die werd dan je mentor. In Jan zijn tijd in Afrika was de opdracht altijd om eerst de taal en de gewoontes te leren van het gebied waar je was en daarna begon je met het pastorale werk. Dat was niet primair om zieltjes te winnen maar om je in te zetten voor de hele mens, gees telijk en lichamelijk, en voor de maatschappij waarin je was beland. ‘Geestelijk’ betekende dit: proberen de vele angsten weg te nemen waarmee ze traditioneel opgevoed werden en leefden. In plaats daarvan probeerde je ze geloof en hoop te geven in een God en Schepper - waarin ze al geloofden vóór de missionaris ter plekke kwam- als een God van liefde, die in al de onzekerheden en pijn van het leven hun welzijn en geborgenheid op het oog had. Dus ja, natuurlijk werden er kerken gebouwd en werd er verteld over het christendom, maar groot noch klein, niemand werd gedwongen om christen te worden. En vaak -waar mogelijk - ging er een Afrikaans sausje over. ‘Lichamelijk’ betekende dit...die hoop en liefde in woord en daad in hun leven te laten zien en aan de lijve te doen ervaren door het verlenen van medische zorg, het bou wen van en leiding geven aan scholen, het vervoeren van mensen met je Landrover naar het ziekenhuis e.d. en dit alles om de lasten van hun leven draaglijker te maken. 3 Als er een neomist, een priesterzoon in het dorp was, bete kende dat een groot feest voor de hele gemeenschap, zo ook in De Noord. De hele familie Molenaar ging natuurlijk piekfijn op de foto.Voorste rij van links naar rechts: broer Ben, zus Tiny (zr Prudentiana) en broer Toon Midden rij zus Corry, vader Gert, zus Ria (uit Canada), Ik, zus Gonnie en Ali, moeder Trijntje. Achterste rij broers Gert, Piet en Ari Jan op zijn praat stoel in gesprek met Jos Mooij. Een jonge pater Jan bij een huwelijk in Afrikaanse kledij.

Tijdschriften Regionaal Archief Alkmaar

De Overhaal: historisch magazine Heerhugowaard | 2022 | | pagina 4