12
4. Bewoningsgeschiedenis van Veenhuizen
Veenhuizen is altijd land geweest en heeft nooit deel uit
gemaakt van het meer de Waard. De Geestmerambacht
maakte deel uit van het Graafschap Holland, met de
nodige strijd tegen West-Friesland. ‘Vehuysen’ of ‘Vehu-
sen’ wordt aan het einde van de 13e eeuw al genoemd in
historische bronnen. In de late middeleeuwen is Veen
huizen een hoge heerlijkheid, waar men het recht had op
het heffen van belastingen, een eigen galg en zwanen
drift. Ook in de 17e eeuw is Veenhuizen nog een heerlijk
heid, inmiddels in bezit van de familie van Brederode.
Reinout van Brederode wordt er in 1633 begraven in het
bekende praalgraf. Tot halverwege de 17e eeuw bevindt
de bewoning zich verspreid over het hele grondgebied
van Veenhuizen, met een concentratie langs de Dijkweg.
De huidige Kerkweg loopt in die tijd van de Dijkweg tot
de kerk en bewoners lijken zich vooral te richten op het
oostelijke gelegen oude land van Hoogwoud. Uit docu
menten is bekend dat tijdens het jaar van de inpoldering
van de Heerhugowaard 35 huizen in Veenhuizen ston
den. Bij de kerk is geen dorpskern ontstaan.
weg is een zandig pakket met kleibrokken opgebracht,
en ook werden bakstenen als fundering aangebracht. Dit
werd ook voor een paardenpad gedaan. Door de diverse
ophogingen kon het hoogteverschil tussen de Kerkweg
en de Groenedijk worden overbrugd.
Er is één aardewerkfragment gevonden in de op één na
oudste plaggenlaag. Dit scherfje kan globaal in de late
middeleeuwen (tot 1500) worden gedateerd. Enkele
scherfjes uit hogere ophogingslagen dateren in de 16e
t/m 18e eeuw. Eén scherf geeft geen harde datering.
Heel voorzichtig zou de oudste fase van de Groenedijk in
de late middeleeuwen kunnen worden geplaatst, maar
zeker is dit niet.
Nadat lange tijd geprobeerd was met dijken en kaden het
land tegen het water te beschermen, vond men in de 16e
eeuw een manier om het land droog te maken. In 1627
begon men met de inpoldering van de Heerhugowaard,
die in 1630 droogviel. Met de drooglegging ontstond bij
Veenhuizen de polder Veenhuizerwaard. De Veenhuizer-
weg (eerst nog Veenhuizer Middelweg geheten) werd de
nieuwe weg. Deze was echter nog niet met Veenhuizen
zelf verbonden. Hiervoor werd de Kerkweg vanaf de
kerk in Veenhuizen doorgetrokken tot de Groenedijk,
en vandaar via de toenmalige Clamwech (inmiddels ook
Kerkweg) naar de Veenhuizerweg. Zo werden de polders
van Veenhuizen en Heerhugowaard beter met elkaar
verbonden.
Reconstructie van de Kerkweg
De archeologen konden tijdens het onderzoek de wegop
bouw mooi in beeld brengen. Op de getijdenafzettingen
lag veen. Op het veen was door mensen een ophoging
aangebracht van veen en kleibrokken. Hierop werden de
eerste sporen van een weg aangetroffen, die teruggaat tot
in de 16e eeuw. De oudste fase van de weg was onver
hard. Er werden dan ook karrensporen in de oude veen-/
kleilaag vastgesteld. Na 1865 zal de weg zijn verhard. Dit
wordt gekoppeld aan de wegverharding van de Mid
denweg (de belangrijkste weg) in de Heerhugowaard in
1865. Het fundament van de weg bestond uit een opho-
gingspakket van zand en grind waaroverheen (gebroken)
bakstenen lagen. Aan de zijkanten waren stenen rechtop
gezet, als ‘sluitstenen’ van de weg. De verharde weg zelf
bestond uit een paardenpad van klinkers, met aan beide
zijkanten een grindpakket. In de tijd van ‘paard en wa
gen’ liepen de paarden op het verharde klinkerpad, zodat
ze niet wegzakten. De wielen van de wagen reden over
het grind. Dit paardenpad sluit bij de Dijkweg aan op een
breder bestratingsdeel. Hier ging de weg ophoog naar de
bovenkant van de dijk. Mogelijk was daarom hier meer
verharding nodig. Bij de weg zijn toepasselijke vondsten
gedaan van voorwerpen die destijds zijn verloren. Zo zijn
er meerdere hoefijzers verzameld en ook muntjes uit de
19e eeuw.
5. Archeologisch onderzoek in Veenhuizen
Er is niet veel ‘gravend onderzoek’ gedaan in Veenhui
zen. In 2016 werd het ‘Brederodejaar’ aangegrepen om
een speciaal onderzoek uit te voeren bij de oorspron
kelijke graftombe die bij het praalgraf van Reinout van
Brederode hoorde.
Doordat de Kerkweg vernieuwd werd, bestond de
mogelijkheid om in 2019 onder de weg archeologisch
onderzoek te doen. Reconstructie van de oude fasen van
de weg was het doel enerzijds, anderzijds was de vraag of
er restanten van oude opritten of erven aanwezig zouden
zijn. Ook de Groenedijk en Maijdijk behoorden tot het
onderzoeksgebied (zie boven).
Afb. 2. De doorsnede van de Groenedijk (bron: Eimermann et al
2020, afb. 5.21A).