Duiken in mei 1945 in de Wieringermeer
door Cees Tijsen met medewerking van Pier Montsma
Op 7 april 1945 lieten de Duitsers de Wieringermeer
onder water lopen door twee springladingen in de dijk
tot ontploffing te brengen. Het water stroomde door
twee gaten naar binnen.
Het duurde dan wel een aantal dagen voor de gehele pol
der onder water stond. Toch kon men niet alles meene
men, bijvoorbeeld een voor de Duitsers verborgen perso
nenauto. Ook landbouwmachines en een brandkast zijn
geen zaken die je maar even op je rug meeneemt.
Een van de gaten in de dijk.
Dit is de mosselkorder WR 194 'Cornelis' van Jan
en Piet Bakker. Het schip ligt hier in de schutsluis
in Den Helder met een lading mosselen die in
de Waddenzee zijn opgevist, en gaat nu via het
Noordhollands Kanaal naar Oostzaan. De mos
selen zijn bestemd voor de eendenhouderijen,
waarvan de eieren naar de beschuit- en koekfa-
brieken gaan.
Het standbeeld van de De Maaier.
Om het een en ander op te duiken was het mosselvis
sersschip WR 194 ingehuurd, eigenaren waren Jan (van
Kees) en Piet Bakker. Mijn vader was daar knecht en ik was
een passagier van dertien jaar. Aan boord waren volgens
mij twee duikers, Jacob Sperling en zijn zoon Krijn.
De WR 194 had een dekschuit langszij met een volledige
duikuitrusting, zoals een luchtpomp, slangen, duikpakken
en helmen en niet te vergeten een communicatietouw
voor de verbinding tussen de duiker en de leider op dek
schuit. De helm werd op het duikpak geschroefd en als
laatste werd, voordat de duiker via een ladder te water
ging, de helm afgesloten door een glazen kijkglas die op
de voorkant van de helm werd vast geschroefd.
We vertrokken volgens mij in de loop van mei van de
steiger bij gemaal Leemans en voeren door één van de ga
ten in de dijk, varen in de polder was mijns inziens niet zo
moeilijk. De boerderijen, huizen en bomen langs de we
gen stonden er volgens mij allemaal nog.
Er waren nog een aantal personen aan boord, waaronder
de eigenaren van de op te duiken objecten. Zij moesten
aangeven waar het object stond en helpen draaien aan de
luchtpomp. Als eerste gingen we naar Wieringerwerf om
een brandkast op te duiken uit een bakkerij.Volgens mij zijn
we ook nog bij een paar andere winkels in dezelfde straat
langs gegaan, want we lagen later vlakbij het beeld van De
Maaier. We hadden ook een roeiboot mee met een platte
achtersteven, zodat ik makkelijk met een riem kon wrikken.
Ik ben met de boot naar het standbeeld gevaren en heb
toen De Maaier een tik op zijn hoofd gegeven (een zacht
tikje). Daarna naar het Domeinkantoor en ben ik via de be
tonnen plaat boven de deuren naar binnen geklommen.
Er was niets te zien, alles was netjes opgeruimd. Dan maar
weer naar de WR 194. Toen zijn we naar de Terp gevaren,
waar een aantal barakken stonden maar er waren geen
- 14 -
Historische Vereniging Wieringen "Op de Hoogte" 33e jaargang nr. 2 - 2021