Vermaning Hippolytushoef THEOLOGISCHE SCHOLING Uit het bovenstaande blijkt overduidelijk dat ook in de kringen der Doops gezinden behoefte was ontstaan aan theologische kennis. Als vanzelf had zich uit de dienaarschap (kerkeraad) in de loop der tijd een bedienaar des Woords ontwikkeld, die belast werd met prediking en cate chese. Men sprak meestal van leraar, maar ook wel van evangeliedienaar of vermaner. Andere taken, die heden ten dage door predikanten verricht worden, zoals met name de zielszorg, werden in de begintijd door de dienaarschap waargenomen, al dan niet bijgestaan door andere leden van de gemeente, die daarvoor specifieke kwaliteiten bleken te bezitten. Maar vooral in tijden van nood of zelfs verval van de gemeente kwam er een gesprek Qp gang over de vraag of de predikers geen speciale opleiding nodig hadden. Die vraag werd sterker do'or het toenemend contact van de doopsgezinden met de wereld om hen heen. Een wereld waarin zij zich soms moesten verdedigen tegen de aanvallen der gestudeerde predikanten van de calvinisten; een wereld ook waarin, vooral in de 18e eeuw, steeds meer belangstelling voor natuur-wetenschappelijke ontwikkelingen ontstond.

Tijdschriften Regionaal Archief Alkmaar

Op de Hòògte | 1992 | | pagina 9