281 In 1886 speelt op Wieringen in verband met de te beroepen Ds.Wiersma een kwestie over zijn opleiding. De heer Wiersma, vroeger zendeling in Indie, is in 1886 hulpprediker te Rottevaile. In de notulen van de Wieringer doopsgezinde kerkeraad wordt Ds.Wiersma geen geordende predikant" genoemd. Hij heeft nlde kweekschool voor zendelingen te Rotterdam gevolgd. Om aan de Rijkstoelage voor deze dominee te komen moet naar de Minister gezonden worden le: een verklaring van die kweekschool, 2e: een acte van ordening tot zendelingleraar, inder tijd afgegeven door de Commissie voor de Protestantse kerken in Ned.-Indie en 3e: een verklaring van de Wieringer doopsgezinde kerkeraad, dat hun le raar de a.s.Ds.Wiersma) geen ander bedrijf zal uitoefenen dan wat op het leraarsambt betrekking heeft. Het loopt allemaal goed af, Ds.Wiersma wordt beroepen, hij neemt de beroe ping aan en begint eind 1886 aan zijn taak. Na drie jaar heeft de doopsge zinde gemeente van Wieringen weer een voorganger. KERKGEBOUWEN In de jaren 1737 en 1738 worden ook mededelingen gedaan omtrent kerkgebou wen, o.p Wieringen nooit zoals elders vermaningen genoemd. Men sprak stee vast van vergaderplaatsen. Van oudsher waren er drie vergaderplaatsen: één op de Gest bij Den Oever, één te Stroe en één even ten oosten van Hippoly- tushoef. Deze werden volgens de oude berichten op de volgende wijze onder houden die op de Gest door de leden in de ban van Oosterland en Den Oever wonende, die te Stroe door de daar gevestigde leden en die te Hippolytus- hoef door de leden ingezetenen van dat dorp en van de Westerlander ban. Daar evenwel in hel gebouw op de Gest hoe langer hoe minder gepredikt werd en dit gedurig meer in verval raakte, werd het verkocht. vóór 1700 Ook de vergaderplaats te Stroe vereiste in 1737 dringend vernieuwing, die een jaar later door een voorschot van de leden aldaar en van een paar ge zinnen uit Westerland tot stand kwam, nadat een poging om de beide vergader plaatsen voortaan voor gezamenlijke rekening te onderhouden op de tegenstand van de meerderheid der Westerlanders was afgestuit. De houten wanden maak ten plaats voor stenen muren en het jaartal 1738 prijkte van toen af in ijzeren ankers op de voorgevel. In 't jaar 1804 werd besloten de kerk van Stroe van binnen geheel te ver nieuwen, met een preekstoel te voorzien en haar op dezelfde wijs in te rich ten als met de vergaderplaats te Hippolytushoef in 1776 gehandeld was. Dit werk is volbracht tussen 10 augustus en 21 oktober door Jan Klaassen, timmerman aan Den Oever, maar de preekstoel werd,- evenals vroeger die te Hippolytushoef, gemaakt door Hendrik Spaans te Barsingerhornvan waar die met de volgende regelen gezonden werd: AAN DE E.DIAKENEN VAN DE DOOPSGEZINDE GEMEENTE OP WIERINGEN, BENEVENS HUNNEN LEERAAR. Ik kom nu andermaal nog in mijn oude dagen Een nieuwen predikstoel op heden U opdragen, Tot dienst van d'Opperheer, gelijk in de oude tijd Van Isrel is verrigt in groote naarstigheid Om hunnen goeden God gedurig te ontmoeten, Met offers voor de zonde op t altaar te begroeten En tevens om den Heer te danken in dien tijd Dit werd door hen gedaan met groote lust en vlijt.

Tijdschriften Regionaal Archief Alkmaar

Op de Hòògte | 1992 | | pagina 11