Jan T. Bremer mensen, waaronder ruim 200 burgers. Omdat de mogelijkheden voor 'nor maal' vliegverkeer beperkt zijn, komt het accent sterk te liggen op mari tieme helikopters. Toen aan het einde van de Koude Oorlog (1989) inkrim ping dreigde, zocht men naarstig naar andere werkzaamheden. En zo werd Den Helder Airport thuisbasis voor diverse luchtvaartmaatschappijen, met name ten behoeve van de zoge naamde off-shore.9 Kooybrug en Kooypunt In 1926 was de veerpont bij De Kooy vervangen door een 'vlotbrug' of, beter gezegd, een pontonbrug. Dit was nodig geworden door de aanleg van de Amsteldiepdijk (1924) naar Wieringen. Toen de Afsluitdijk gereed kwam (1932), werd het (auto)verkeer alsmaar drukker. Nadat de pontonbrug in 1948 onher stelbaar vernield was en vervangen door een heffirug, werd deze te smalle brug tenslotte (in 1990) vervangen door de tegenwoordige. Sedert ligt het buurtje, waar ooit een bakker, kruidenier en een cafébaas een goed stuk brood verdienden, er ietwat 'ont heemd' bij onder deze alles 'overbrug gende' oeververbinding. Inmiddels was sedert de jaren tachtig het bedrijventerrein Kooypunt (80 ha) gerealiseerd. Voor dit bedrij venterrein was een ontsluitingsweg aangelegd, die aansloot op het kruis punt bij de (oude) brug. Daarvoor moest de boerderij van Hoogschagen worden afgebroken. Vervolgens werd iets zuidelijker nagenoeg de hele buurtschap Blauw Keet afgebroken, toen men de aansluiting Schoolweg Rijksweg verruimde. Daarna werd de kruising spoorlijn en Rijksweg door 'ondertunneling' verbeterd (1995). Ook de toegang tot het overzetveer naar het West Einde in de Anna Paulownapolder werd door 'onder tunneling' vergemakkelijkt. Een belangrijke verkeerstechnische verbetering tenslotte was de aanleg van de rotonde Langevliet/ Boterweg. Met name belangrijk voor bewoners en personeel van het in de nabij heid gelegen verzorgingscomplex Noorderhaven. De officiële opening op 21 september 1997 mocht dan ook verricht worden door Silvester Krijnen, pupil van Noorderhaven, een instelling die sinds de begin jaren zeventig in deze hoek van de Koegraspolder gevestigd is en voor veel werkgelegenheid zorgt. 75-jarig bestaan Julianadorp Ook het 75-jarig bestaan van het dorp in 1984 werd groots gevierd. Een van de hoogtepunten was de presentatie van een door mevrouw E. de Graaf- Hoornsman samengesteld fotoboek getiteld Julianadorp het hart van het Koegras. De aanbieding van dit boek aan de Commissaris van de Koningin was het startsein van de feestelijkhe den. In de jaren die erop volgden werd het Loopuytpark in het centrum van het oude dorp opnieuw ingericht. Door aanleg van een dam ontstond er aan de Langevliet een nieuw kruis punt, waardoor de winkels aan het Loopuytpark beter bereikbaar werden en de verkeersdruk op het kruispunt Veul verminderde. Aan het Langevliet was inmiddels (1986) een gezondheidscentrum gere aliseerd waarin de artsen Van der Poel en Vente, Maatschappelijk werk, de Kruisvereniging, Stichting Gezinszorg en de Algemene Patiëntenvereniging werden ondergebracht. Ook werd er dat jaar een nieuwe sportaccomo- datie tot stand gebracht. Begin jaren negentig volgde de aanleg van het bungalowpark, golf- en recreatiecen trum Ooghduyne met 450 bungalows, een restaurant, overdekt zwembad en tennisbanen. Vervolgens werd het appartementenpark Residence Juliana aan de Zanddijk naast de Zandloper gebouwd en de Van Foreestweg aan zienlijk verbreed. Uitbreiding van woonwijken, na tuur- en recreatieparken, industrie terrein en luchthaven betekende uiteraard toenemende druk op het bloembollenareaal. Grondeigenaren verkochten liever aan gemeente of projectontwikkelaars dan aan colle ga's, omdat die meer betaalden. Rond het jaar 2000 waren de grondprijzen opgelopen tot 325.000 gulden per ha, terwijl dat elders in de Noordkop eigenlijk nooit meer dan 20.000 gul den was. In oktober 2008 is men begonnen met de definitieve sloop van de bun kers aan de Schoolweg ten behoeve van een nieuw winkelcentrum. Er zijn vergevorderde plannen voor woningbouw aan de oostzijde van de Langevliet en een eigen 'woonbuurt' op het terrein van Noorderhaven. Inmiddels wordt er -sinds december 2007- ook voortgezet onderwijs ge geven in het zogenaamde Junior col lege aan de Akkerbouwstraat. In feite is Julianadorp Julianastad geworden, een stad waar het goed wonen is. Literatuur: 1 Verslag van A. Blussée en K. Hartog te Dordrecht gemaakt op verzoek van P. Loopuyt, in: J. Belonje, Het Koegras (Alkmaar 1974), pp.64-70. 2 J. Belonje, Het Koegras (Alkmaar 1974), pp.70, 71. 3 J.M.L. Saunders, Beknopte Schets van de economische positie van Den Helder (Helder 1918), pp.35, 36. 4 E. de Graaf-Hoornsman, Julianadorp. Het hart van het Koegras (z.p. 1984), p.78. 5 Ibidem, p.110. 6 A. van Kampen, Burgers van Den Hel der (Den Helder 1974), p.14. 7 J. Henderikx, Het Koegras, toen en nu, in: West-Friesland oud en nieuw 30 (1963). 8 P. Hovestad en J.T. Bremer, Ach, ik bid en smeek u, laat mij terugkomen in Den Helder (Schagen 1997), pp.168, 169. 9 J.T. Bremer, Helders Erfgoed (Schoorl 2008), pp.300-302. 39

Tijdschriften Regionaal Archief Alkmaar

Levend Verleden | 2009 | | pagina 41