na het overlijden van Pieter Smit, ook met Jacob Kleijenburg. Ook een tussenliggend huis met nummer 12 is eigendom geweest van Jacob Kleijenburg. Hij kocht op 31 augustus 1811 een huis en erf, staande en gelegen te Sint Pancras, zijnde No 12, belend met den Kooper ten Zuiden en Jan Klaasz Smit ten Noorden. De verkoper was Adrianus van Leeuwen, koopman in hout, wonende te Alkmaar. De koopprijs bedroeg fl. 150. Waarschijnlijk was dit het huis dat op perceel sectie A nr. 778 staat aangegeven en dat vermoedelijk na de aankoop van huis nummer 13 werd gesloopt. In de OAT wordt het aangegeven als boomgaard. Met zijn vierde en laatste vrouw was Jacob Kleijenburg getrouwd onder huwelijkse voorwaarden. Al op 1 maart 1839, Maartje Booij is dan nog maar vier maanden overleden, trouwde Jacob Kleijenburg met Maartje Volkers, dochter van Jan Volkers, watermolenaar, en Jannetje Swart uit Oudorp. Hij was toen 71 jaar en zij 27. Deze keer werd onder huwelijkse voorwaarden getrouwd. Blijkbaar had Jacob Kleijenburg na het overlijden van Maartje Booij niet de behoefte het boerenbedrijf nog langer voort te zetten. Hij besloot daarom boeldag te houden. Notaris Adrianus Petrus de Lange vervoegde zich op dinsdag 2 april 1839 's morgens om negen uur samen met Thijs Jansen, logementhouder wonende binnen de stad Alkmaar, en Theunis Maakal, landman wonende in de Heer Huijgenwaard, ten huize van Jacob Kleijenburg, teneinde aldaar verkoping te houden van enig levend vee, boeren- en bouwgereedschappen en huisraad en inboedel. tiet vee bestond uit vijftien koeien en vier hokkelingen, negen schapen en twee paarden. Bij de roerende goederen bevonden zich twee schuitjes en een praam, een sjees, een nieuwe wagen en boeren- en bouwgereedschappen. Uit het bezit van een sjees kan worden afgeleid dat Jacob Kleijenburg tot de gegoede stand behoorde. Hij was landeigenaar met het hoogste kadastraal inkomen in Sint Pancras. Bij zijn eerste huwelijk met Sientje de Boor was Jan Pluis nog in militaire dienst als flankeur bij de vierde kompagnie, het derde bataillon van de tiende afdeling infanterie en had dus toestemming nodig van zijn commandant om in het huwelijk te treden. Tot de huwelijksbijlagen hoort ook deze schriftelijke toestemming van de kolonel.

Tijdschriften Regionaal Archief Alkmaar

De Klin | 2014 | | pagina 101