-154- Tot in Groningen pakten zij hun spullen en vluchtten oostwaarts. Het kamp Vught werd daarom op 6 september ontruimd. Mevrouw Barten zal in 1973 weer, in gelukkiger omstandigheden, in Sint- Pancras komen te wonen. Bovenstaande vermeldingen zijn voor het meren deel afkomstig van verklaringen van (zoon) Charles Barten en (broer) Klaas van Graft. De laatste wil benadrukt zien, dat Remmert, hoewel samen werkend met communisten, zelf geen communist was. Zo konden ook katholieken samenwerken met protestanten en gereformeerden, niet gelo vigen of overtuigd atheïsten met gelovigen, enz. Hoofdzaak in het verzet was: de moffen tegenwerken, hun slachtoffers in bescherming nemen. Het MLL-Front wordt door anderen voortgezet in de communistenbond Spartacus. De hier en daar verbreide mening, dat de communisten (zij het hier van de Sovjets-losgemaakte) pas in verzet gingen nadat op 20 juni 1941 de Sovjetunie door Duitsland werd aangevallen, blijkt volgens de Sneevliet- zaak dus niet op de feiten te berusten. Na de jaarwisseling '40-'41 worden enkele joodse mensen in gezinnen opgenomen. Joden en communisten zijn vanaf het begin de meest gezochte prooien voor de Duitsers, waar verzetsdeelnemers al gauw bijgevoegd kunnen worden. Aanvankelijk is, behalve het huisvesten van onderduikers niet vee; méér illegale activiteit mogelijk, ook al omdat ons dorp een relatief groot aantal NSB'ers (leden of sympathisanten van de Nationaal Socialistische Beweging telt. Hun meestal al van vóór de oorlog daterende aanhang valt te verklaren uit het feit dat de tuinbouw een slechte tijd heeft doorgemaakt. Daar de export van de tuinbouwproducten naar Duitsland (altijd al verreweg de voornaam ste afnemer) iets was toegenomen, denken zij wat kortzichtig en naïef dat er ook in Nederland heil kan worden verwacht van de toepassing van het in Duitsland heersende nazi-regime. De Pancrasser groentenexporteur Jan Kloosterboer ging verder. Volgens de geschiedschrijver L. de Jong werkte hij samen met de Duitse spionage- officier Dierks, aan wie hij vertrektijden meldde van uitgaande Nederlandse zeeschepen. Volgens anderen zou het Nederlandse passagiersschip Simon Bolivar ten gevolge van zijn tussenkomst door een Duitse duikboot zijn getorpedeerd. Hij deed dit inlichtingenwerk in relatie met de timmerman Piet Booy, die met een Duitse was getrouwd. In de schuur bij diens huis werd in 1940 een zeewaardig jacht gebouwd. Wie kan nog vertellen voor wie, en waar dat gebleven is?

Tijdschriften Regionaal Archief Alkmaar

De Klin | 1995 | | pagina 160