bastaard van Holland 1e heer van Schagen, ridder... Het Heilige Graf In de vijftiende eeuw ontstaat er een nieuwe vorm van ridder slag als alternatief voor een snelle ceremonie op het slagveld: een plechtigheid bij het Heilige Graf injeruzalem. Ook voor die tijd gaan ridders al wel op pelgrimstocht naar het Heilige Land, maar vanaf ongeveer 1400 wordt het een geregelde praktijk om daar tot ridder geslagen te worden. De Hollandse dichter Willem van Hildegaersberch die vanaf ongeveer 1380 regelma tig aan het Hollandse hof in Den Haag vertoefde vermeldt in zijn Dits van beschermen de ridderslag bij het Heilige Graf en vermeldt daarbij zelfs uitvoerig de ridderlijke geloften die daar moesten worden afgelegd: Die ridder wort op tHeilich Graff Tot fherusalem, heb ic verstaen, Eer hi ridder wort ghedaen, Doerde een deel van ridders leven Moet hi loven, ende vergheven, Is hem misdaen hier op eerde, Eermen wyet tot zweerde Off ridder maect al daer ter stede. Voert soe moet hi loven mede Sinen gherechten heer getru te bliven; Der heiligher kercken recht te stiven Ende hoer onrecht helpen weren, Woude hoeryemand daer an deren; Weduwen en wesen schade Die sel hi letten vroe ende spade, Ende beschermen nae vermoghen. Een dichterlijke weergave van edele, hoofse idealen? Toch niet, want Johannes a Leydis doet in zijn Chronicon - een kroniek waarin hij de belangrijke gebeurtenissen uit zijn tijd beschrijft - uitvoerig verslag van een ridderslag bij het Heilige Graf En, oh wonder, het gaat hier om de reis naar Jeruzalen van niemand minder dan 'onze' Willem van Schagen, bastaard van Holland, bastaardzoon van hertog Albrecht van Beieren. A Leydis vertelt dat Willem, heer van Schagen, maar liefst twee keer naar het Heilige Land is geweest, waarbij hij bij zijn eerste bezoek aan Jeruzalem tot ridder is geslagen. Dit verhaal is zonder enige twijfel historisch juist. Op 6 september 1447 - dat is dus kort nadat heer Willem zijn nieuwgebouwde kasteel in Schagen had betrokken - ontving Willem van Philips de Goede, de graaf van Holland, een vrijgeleide voor zijn reis naar het Heilige Land. In 1449 is hij veilig en wel teruggekeerd en wordt hij voor het eerst vermeld als ridder. A Leydis geeft een beschrijving van de Heilige Grafkerk en doet vervolgens gedetailleerd verslag van de ceremonie van de ridder slag. Nadat Willem de Grafkerk was binnengegaan, werd hem een zwaard aangegord. Hij trok zelf het zwaard uit de schede en overhandigde het aan degene die hem tot ridder zou slaan. Deze gaf hem met het zwaard een slag in de nek. Vervolgens werden zijn gouden sporen aangegespt, waarbij Willem zijn voeten om beurten op het graf des Heren plaatste. Ten slotte werd hem voorgehouden welke plichten er aan zijn nieuwe status verbon den waren: Ten eerste dat hij de heilige kerk en het katholieke geloof zou verdedigen met lijf en tijdelijke goederen, wanneer dit noodzakelijk zou zijn. Ten tweede dat hij zijn aardse vorst in rechtvaardige en eerbare zaken altijd zou gehoorzamen. Ten derde dat hij weduwen en zwakken in hun nood zou bijstaan. Ten vierde dat hij op Sint JorisdagMartelaar ter ere van deze heilige martelaar vijf Paternosters en vijfAve-Maria's zou zeg gen. Op de genoemde wijze werden in die tijd alle ridders bij het Graf des Heren geridderd. Zoals gezegd, heer Willem is daarna nog een keer op pelgrims reis naar het Heilige Land geweest. Zijn zoons werden alle drie op het slagveld tot ridder geslagen. Ridderstand en ridderstatus Het is al eerder gezegd: van adel was je door geboorte. Daar ver anderde de riddertitel niets aan. Er ontstond echter van lieverlee wel een nieuwe sociale groep, de ridderadel, een volledig nieuwe onderscheid tussen ridders (met ridderslag) en knapen, die geen ridderslag hadden ontvangen. 'Ridder' was voor alles een eretitel. Wie ridder was, werd aange sproken met heer. In allerlei situaties genoten ridders voorrang boven knapen. In lijsten van getuigen en medezegelaars werden de ridders vermeld voor de knapen. Ook letterlijk hadden rid ders voorrang boven knapen, zoals blijkt uit een aantal overge leverde akten: Door de graafvan Holland werd na een conflict beslist dat de vrouw van een ridder eerst de parochiekerk mocht binnengaan en pas daarna de vrouw van een niet-geridderde edelman. En dat gold ook voor andere gelegenheden. De ridderpromotie betekende een duidelijke statusverhoging. Of de ridderidealen die tijdens de ceremonie zo nadrukkelijk genoemd werden ook daadwerkelijk door de ridders in praktijk werden gebracht, is een heel ander verhaal. 12 Fred Timmer

Tijdschriften Regionaal Archief Alkmaar

Kakelepost | 2010 | | pagina 12