Staatslandbouwbedrijven, een geschiedenis (4)
Evert van der Laan bezig met kunstmest strooien.
31ste jaargang 2023/2 nummer 95
Inundatie 17 april 1945
Tijdens de onderwaterzetting verloren Evert en
Ulbe elkaar uit het oog. Er was geen tijd voor
afscheid, hun goede samenwerking eindigde
abrupt. Ulbe en de andere zetboeren verlieten
de polder met achterlating van veel inventaris.
Nog op de dag van de onderwaterzetting wer
den er paarden gevorderd. Ulbe, Lolkje en de
kinderen verlieten de polder met het overgeble
ven paard en een wagen. Zij werden opgevan
gen in Wieringerwaard en reisden vandaaruit
naar Lollum en kregen onderdak bij Sytze van
Abbema. Vanuit Lollum ging de familie naar
Kollum waar Ulbe na de bevrijding tijdelijk zet-
boer werd op een boerderij van een ontslagen
NSB-burgemeester.
Evert en Trijntje vertrokken met hun twee pleeg
kinderen met de kipkar van het staatsbedrijf
en een onbekend paard naar Wieringerwaard.
Uit angst voor de bezetter en voor eventue
le beschietingen lag er een witte vlag over de
kar. De sleutel van hun huis werd ingeleverd
in Lutje-Kolhorn bij het geïmproviseerde raad
huis. Vervolgens meldde het gezin zich bij het
Het vakmanschap van Evert kwam goed van pas
bij zijn werk: gras maaien met de zeis, eggen en
zaaien met de paarden, met de hand vlas trek
ken langs de slootkanten zodat de vlastrekma-
chine niet te dicht bij de sloot hoefde te komen
en er geen oogst verloren ging. Volgens de kin
deren van Ulbe Faber kon Evert zo gelijkmatig
handmatig kunstmest strooien, daar kon geen
machine tegenop. Op elke vierkante meter la
gen bijna evenveel korrels. In 1943 kreeg Evert,
zoals alle mannen van 17 tot 40 jaar met de
geboortejaren 1905 tot en met 1927, het bevel
zich te melden voor de verplichte arbeidsinzet
in Duitsland. Ulbe en Evert deden alles om dit
te voorkomen. Op zijn persoonsbewijs werd
Everts geboortejaar 1906 vervalst naar 1900.
Uit angst voor de doorkamcommando’s (razzia-
ploegen, red.) had Ulbe op het bedrijf een on-
derduikplek voor Evert gecreëerd. Ze oefenden
geregeld, de huishoudelijke hulp deed mee, om
de forsgebouwde Evert zo snel mogelijk in het
krappe hok te krijgen.
liefste met paarden en hielden alle twee van tra
ditionele landbouw. Zij vonden dat op die ma
nier het land netter bleef en dat het de structuur
van de grond ten goede kwam. Ulbe reed niet
graag op een tractor. Dat was geen probleem,
de staatslandbouwbedrijven hadden daarvoor
tractorchauffeurs in dienst. Dat traditionele en
gemechaniseerde landbouw hand in hand gin
gen had ook zijn nut voor de landbouwkundige
onderzoeken. In de tijd van groeiende mechani
satie wilden wetenschappers o.a. de consequen
ties voor de gewassen van de gemechaniseerde
landbouw vergelijken met die van de traditio
nele landbouw. Ulbe besteedde veel tijd aan de
administratie van de gevraagde onderzoekgege-
vens.