170
V
Een rondvlucht boven het land uit mijn jeugd
31ste jaargang 2023/2 nummer 95
Eke en Aebe Miedema-Tanja 40 jaar getrouwd, in 1978.
Foto: Jan Miedema.
Ooit zullen de windmolens ontmanteld worden
en ook de zonnevelden zullen niet het eeuwi
ge leven hebben. We hopen stilletjes dat allerlei
installaties dan wegblijven want, als je het mij
vraagt, op dit land verbouw je tarwe, bieten, vlas,
aardappelen en andere gewassen. Heel mis
schien keren we dan weer terug naar de polder
uit onze jeugd
Wieringerwerf met akkers aan de horizon.
We zagen de akkers waarop we vroeger tijdens
onze vakanties bij de boer zo geploeterd hadden:
loof trekken, aardappels rooien, bieten dunnen
of bollen pellen. Er was toen alleen maar werk
in de landbouw. Nu kun je er allerlei bedrijvig
heid vinden.
Heit en mem
Vader Aebe Miedema was keurmeester bij de
NAK, hij kende bijna alle boeren in de polder.
Hij was deskundig op het gebied van landbouw
gewassen en daarnaast was het onderhouden
van zijn volkstuinen zijn hobby. Hij had een kas
en verbouwde elders commercieel lelies. Hij
zorgde er altijd voor dat we tijdens onze vakan
ties bij een boer een baantje kregen, immers het
grote gezin moest draaiende gehouden worden.
Als je niet op de een of andere manier bij het
boerenbedrijf betrokken was, moest je je heil
elders zoeken, bijvoorbeeld bij de Hoogovens
in IJmuiden, waar dagelijks een pendelbus met
werknemers heen reed. Ik werkte eerst een paar
jaar bij Van der Sar aan de Robbenoordweg en
hield daar een groot melkdiploma aan over.
Maar uiteindelijk werd ik politieambtenaar,
Theun werd beroepspiloot.
Trots op de polder
Onze vader hield van de polder. Toen ik al lang
uit huis was, maakten we regelmatig met zijn
Dafje een ritje door de polder. We stopten wel-
eens bij een boerderij waar geoogst werd en
zagen dan een maaidorser met chauffeur zijn
oogstwerk doen. Je kon trots zijn op dat nieuwe
land met zijn bedrijvigheid en zijn moderne ge
mechaniseerde landbouwbedrijven.
Way point
De polder is ons altijd blijven boeien. Dat vlakke
stuk land la Jacques Brel waar je altijd tegen de
wind in moet etsen. Land van pioniers, die na
de onderwaterzetting een tweede kans kregen
om het echt te kunnen maken. Met hun doortas
tendheid en pioniersgeest lukte dat.
Het Gat van de dijk, was hoog in de lucht voor
ons een ‘way point’, een baken. Ook de Oude
Zeug in het IJsselmeer deden we aan. We heb
ben daar, net als veel jonge Wieringerwervers,
zwemmen geleerd.
We haalden tijdens onze vlucht tal van herinne
ringen op en genoten van het typische polder-
weer met wind en heldere vergezichten.