7 Dit vers is slechts bekend uit een losse aantekening in het familiearchief. 8 "Stukken rakende de quadruple alliantie van 1718", in: Kroniek van het Historisch Genoot schap 27e jg 1871 (Utrecht 1872) p. 85 - 152., 156 - 210. 9 Zie: J. Belonje, 's Graven zwanen, in De Zaende 4e jg (1969) p. 65 - 73. 10 De papieren van deze zaakwaarneming zijn bewaard gebleven en vormen een lijvig dossier in het familiearchief; zie ook: J.H. Rombach, Gijsbert Fontein Verschuir, in: Alkmaarse His torische Reeks deel V (Alkmaar/Zutphen 1982). 11 G. van Rijn, Nicolaas Beets, deel I (Rotterdam 1910) p. 213 - 214. 12 J.H.J. Willems, Joh. Petrus Hasebroek, bijdrage tot de kennis van het letterkundig leven voornamelijk in de jaren 18301840 (diss. Utrecht 1939) p. VII. 13 Zie: De Kring van Heiloo, uitgegeven, bij de gelijknamige tentoonstelling in De Oude Pasto rij, 1982. 14 Tentoonstellingscatalogus Villeroy en Boch, Rijksmuseum Amsterdam 1980, onder Septfon- taines nr. 166. 15 Dit is onmiddellijk gecorrigeerd door de Alkmaarse archivaris C.W. Bruinvis in het nummer van 15 juli 1906: de leeuwen zijn niet middeleeuws en hebben nooit wapens gedragen want zij zijn afkomstig van de in 1808 gesloopte Nieuwlanderpoort. Hiertegenover staat de medede ling van mevrouw E.C.M.F. Kaars Sypestein-van der Feen de Lille, dat haar vader de hek- palen gekocht heeft en dat zij afkomstig zouden zijn van het verdwenen kasteel Ypestein dat gelegen heeft ter plaatse van de huidige St. Willibrordus Stichting. 16 In en Om Kennemerland nr. 87 van 5 juli 1906. De legger van dit sterk op de Egmonden ge ori├źnteerde blad (nr. 1, 24 mei 1904 - nr. 113, 4 januari 1907, vermoedelijk alles wat ver scheen) berust in het gemeentearchief van Alkmaar. Behalve het stuk van F.W.B. en de in noot 5 genoemde reactie daarop van Bruinvis vinden we in nr. 92 van 9 augustus 1906 nog een hooggestemde impressie van Ter Coulster door een anonieme Egmondse badgast. 17 Zie: M. Zwaagdijk, Sint Pieter, in: De Speelwagen 2e jrg. (1947) 48 - 51 GERAADPLEEGDE LITERATUUR BEHALVE DE IN DE NOTEN GENOEMDE PUBLIKATIES J. Belonje, Ter Coulster. Wormerveer 1946 J.W. Groesbeek, Middeleeuwse kastelen van Noord-Holland. Rijswijk 1981. Th. Jorissen, Emigranten uit Holland in 1795. In: De Navorscher 18e jrg. (1868) p. 433447 (Alkmaar 441Heiloo 446-447) J.C. Kort, Overzicht van de leenkamers in Holland, 's Gravenhage 1976. S. van Leeuwen, Batavia illustrata ofte Nederlandsche chronyck. 's Gravenhage 1685 J. van Lennep en W.J. Hofdijk. Merkwaardige kastelen in Nederland. Amsterdam 1857, 2e dru* Lud. Smid, Schatkamer der Nederlandsche oudheden. Amsterdam 1711. (J. van Royen), Antiquitates Belgicae of Nederlandsche oudtheden. Amsterdam 1733. Lud. Smid, Schatkamer der ederlandsche oudheden. Amsterdam 1711. J.J.A. Wijs, Bijdrage tot de kennis van het leenstelsel in de Republiek Holland. Diss. Leiden 1939. 36

Tijdschriften Regionaal Archief Alkmaar

Heylooer Cronyck | 1983 | | pagina 38